![]() |
||
| HomeActiviteitenInformatie aan ZeeInformatiebronnenCarrièreOver VVBAD | ||
VVBAD activiteiten
|
Start » Vlaamse bibliotheken, documentatiecentra en erfgoedinstellingen reageren op het Groenboek 'Auteursrecht in de kenniseconomie'
Vlaamse bibliotheken, documentatiecentra en erfgoedinstellingen reageren op het Groenboek 'Auteursrecht in de kenniseconomie'Gepubliceerd op 04 Dec 2008 In de zomer organiseerde de Europese Commissie een bevraging over het auteursrecht. Ze deed dat door middel van een Groenboek waarin ze een aantal concrete vragen formuleerde. Vlaamse bibliotheken, documentatiecentra en erfgoedinstellingen zagen hier een kans om enkele pijnpunten in de huidige regeling rond het auteursrecht te formuleren. Faro, Heemkunde Vlaanderen, Luisterpuntbibliotheek, VCOB, VOWB en VVBAD formuleerden samen hun bedenkingen. Hieronder vindt u de inleiding van deze tekst. Het volledige document kan hier gedownload worden. Bij hun standpuntbepaling hebben de betrokken organisaties zich laten leiden door het maatschappelijk doel van deze instellingen: het zonder winstoogmerk ter beschikking stellen van informatie en cultuurproducten aan een breed publiek. Dit houdt ook in het bewaren om de toegang te verzekeren voor zowel de huidige als de toekomstige gebruikers. Dit is essentieel in een open, democratische en inclusieve samenleving en een voorwaarde voor een performante kenniseconomie. De genoemde organisaties erkennen dat de verdere ontwikkeling van de kennissamenleving een uitdaging vormt voor het auteursrecht, dat de ontwikkeling en verspreiding van de kennis in die economie iedereen ten goede hoort te komen en dat het een absolute voorwaarde is dat (eind)gebruikers materiaal kunnen hergebruiken en kunnen delen om die kenniseconomie te stimuleren. Met deze gezamenlijke reactie uiten deze organisaties de uitdrukkelijke wens dat het voorliggende Groenboek voor een eerste maal werkelijk zal leiden tot effectieve uitbreidende maatregelen ten gunste van het algemeen belang en niet weerom een startpunt zal zijn om te komen tot een verdere uitbreiding van het monopolie van de rechthebbenden. Ons document is een pleidooi voor een duidelijke, geharmoniseerde en afdwingbare minimumset van beperkingen vanuit Europa met een oog voor de grondslagen van onze democratische samenleving. Hierbij is de rol van de Europese Commissie cruciaal en onontbeerlijk. Het stimuleren van kennisverbetering, van verbreiding van de Europese cultuur en geschiedenis, het in stand houden en bewaren van het Europees cultureel erfgoed zoals gesteld in artikel 151 van het EG-verdrag behoren tot de kerntaken van archieven, bibliotheken, documentatiecentra en erfgoedorganisaties. Zij moeten, zonder uitholling van het auteursrecht, over juridische middelen kunnen beschikken om hun maatschappelijke opdracht te kunnen vervullen. Bewaring, formaatmigratie, geavanceerde ontsluiting en indexatie van de gegevens zijn hiertoe essentiële middelen. Het feitelijk monopolie van de rechthebbenden is trouwens veel sterker dan vaak wordt gesteld. Een voorbeeld hiervan is de verlenging van de beschermingstermijn van muziekopnames. Uiteindelijk gaat het om het exploiteren van enkele succesnummers. Tegelijk daarmee zullen echter vele andere geluidsopnames verdwijnen uit het publiek domein. Vrije toegang tot cultuur- en informatieproducten is echter essentieel voor een dynamische, creatieve en economisch competitieve samenleving. Vooral die ongelijkwaardigheid van de betrokken partijen hoort een aandachtspunt te zijn voor de Europese overheid. Het auteursrecht is een exclusief recht en afgezien van wettelijk geregelde beperkingen hebben gebruikers geen enkele macht om hun recht op informatie of cultuurbeleving af te dwingen. Hierin moet de Europese overheid een initiërende en stimulerende rol spelen. Zij is het die als goede huisvader toezicht hoort te houden op een zo ruim mogelijk publiek domein. Zo niet ondergraaft zij haar eigen initiatieven (cfr. Europeana). Vanuit het standpunt van de erfgoedinstellingen geven wettelijke bepalingen precies omwille van de ongelijke krachtsverhoudingen meer zekerheid dan contractuele afspraken. Zo moeten verweesde werken online kunnen worden gezet. Projecten als i2010:Digital Libraries benadrukken ook het belang en de noodzaak van het online beschikbaar stellen van Europees cultureel erfgoed. De uitzonderingen vastgelegd in richtlijn 2001/29/EG mogen geen onveranderlijke canon worden voor de toekomst, maar moeten telkens weer getoetst worden op hun maatschappelijke en technische relevantie. De bestaande uitzonderingen moeten, wanneer dat nodig is, aangevuld worden met nieuwe uitzonderingen. Het instrumentarium moet loskomen van een concrete technologie en techniekonafhankelijk bepaald worden. Zo is het onderscheid tussen print en digitaal vandaag een irrelevant onderscheid. Het is de inhoud die telt en niet het formaat waarin die inhoud is opgeslagen. Ook de plaats van raadpleging van materiaal is irrelevant: on-site of off-site is een kunstmatige opdeling. Evenmin is het tijdsaspect nog relevant. Werkomgeving, studieplek en privécontext lopen helemaal in elkaar over. De wereld schakelt massaal over op mobiele apparatuur. Gebruikers verwachten toegankelijkheid, waar ze zich ook bevinden. Het niet toegankelijk maken van collecties van thuis uit beperkt de kansen van onze jongeren en die van het onderwijs en de cultuurbeleving in Europa. Het staat in schril contrast met de belangrijke realisatie en aanpak van Europeana.
greenpaper_nl.pdf (application/pdf) Rubrieken: Publiek – Archivarissen – Auteursrecht – Beleidsmakers – Bibliothecarissen en documentalisten – Pers – Standpunten – Wetgeving & overheidsbeleid – VVBAD-nieuws login of registreer om commentaar te posten – verstuur deze pagina via email – afdrukvriendelijke versie |
Aanmeldende vvbad-nieuwsbriefWilt u ook graag de VVBAD-nieuwsbrief ontvangen? Wenst u de VVBAD-nieuwsbrief niet meer te ontvangen Nieuws uit de sector |
