Maak mij wat wijs

De Franse filosoof Emmanuel Levinas merkt ergens op dat het boek "niet alleen een middel is voor de mens", maar iets te maken heeft "met het zijn van de mens". Het boek is een modaliteit van ons zijn zelf. Onze omgang met boeken mag dan ook niet herleid worden tot een instrumentele relatie. En dit geldt voor onze verhouding tot media in het algemeen, analoge zowel als digitale. Media zijn immers nooit zonder meer gebruiksvoorwerpen, ze hebben deel aan onze identiteit en dragen bij tot ons denken. Zouden we onze omgang met media herleiden tot een louter functionele relatie, dan zouden we de diepere relatie tussen ons mensen en de media veronachtzamen.

Juist die diepere relatie tussen ons mensen en de media vormt de eigenlijke bekommernis van de initiatiefnemers en medewerkers aan de bundel. In hun voorwoord suggereren Katia Segers en Joke Bauwens dat mediageletterdheid welbeschouwd "een kwestie van mensenrecht" is. Media hebben iets te maken met ons zijn, en daarom hoort aan mediageletterdheid, oftewel "het vermogen op een zinvolle manier om te gaan met de alomtegenwoordige media", de grootste zorg te worden besteed. Aandacht opbrengen voor de wijze waarop we met en in de media leven, is aandacht opbrengen voor wie we bij de gratie van media mogen zijn. Dit vormt ook de reden waarom media-educatie zeker niet alleen gericht moet zijn op kinderen en jongeren, maar op alle burgers in het algemeen en specifieke doelgroepen in het bijzonder: Het is een zaak van iedereen.

Het inzicht dat media deel hebben aan wie we zijn, en ons dus zijnsmogelijkheden aanreiken, geeft de medewerkers aan de bundel ook een principieel ‘positieve' gezindheid mee. Hun bijdragen vertrekken nadrukkelijk van een ‘constructieve' benadering van mediageletterdheid. Hun pleidooi voor een "wijze" en "vaardige" omgang met media slaat nooit om in enig ressentiment t.a.v. de dynamieken die het medialandschap voortdurend transformeren, en die van mediageletterdheid een evoluerend, dynamisch en onvoltooid proces maken, en dus een werkwoord.

Ook de opbouw van het boek weerspiegelt de optiek van mediageletterdheid als mensenrecht, voor jong en oud. In het eerste deel ('De media kennen') gaan vijf hoofdstukken in op de toegang tot de media en het gebruik ervan. Dit aspect van 'kennen' verwijst daarbij niet alleen naar de fysieke toegang tot de media (zoals de digitale kloof), maar ook naar de technische en instrumentele kennis om met de media te kunnen omgaan. Het tweede deel ('De media begrijpen') bestaat uit zes hoofdstukken die alle het grootste belang toekennen aan een evaluerende omgang met de media: Hoe functioneren ze? Hoe werken ze op ons in en wat hebben ze ons te bieden? Hiertoe hebben we kritische geletterdheid nodig. In het derde deel ('De media creëren') wijden vier hoofdstukken uit over het potentieel van mobiele en internettechnologieën om zelf mediamaker te zijn en te worden. Dat is een nieuwere vorm van mediageletterdheid die met de komst van ICT erg aan belang heeft gewonnen, maar tegelijk aansluit bij die oudste geletterdheid van al, de vaardigheid van het lezen én van het (zelf) schrijven. De vaardigheid van het maken dwingt immers als vanzelf tot een kritische en evaluerende omgang met media: Het maakt van de consument tegelijk een producent, of een "prosumer".

Maak mij wat wijs is niet strict academisch van opzet, en richt zich op het brede publiek. Een aantal bijdragen reflecteert nadrukkelijk op lopende projecten i.v.m. mediaeducatie, en de meeste auteurs reiken tot besluit ook nuttige links aan. Mediageletterdheid is een kwestie van mensenrecht, en vraagt dan ook om praktische uitwerking: het boek is geen vrijblijvend boek, maar erkent net dat er gewerkt moet worden aan onze omgang met de media waarin we leven.

Titel: 
Maak mij wat wijs: Media kennen, begrijpen en zelf creëren
Auteur: 
Katia Segers & Joke Bauwens
Uitgever: 
Tielt: Lannoo campus
Jaar: 
2010
ISBN: 
978 90 209 8949 6